Aangepaste EPB-eisen vanaf 2016

Net zoals voorgaande jaren gelden er strengere EPB-eisen voor projecten met een stedenbouwkundige aanvraag of melding vanaf 1 januari 2016. Het E-peil wordt verstrengd, de eis voor de minimale R-waarden vervalt, maar de U-waarde voor een aantal constructies wordt strenger. Hieronder een kort overzicht van wat er verandert.

1. Verstrenging van het E-peil

De komende jaren wordt het verplichte E-peil stapsgewijs aangepast.

  • Voor woningen wordt het E-peil verstrengd tot E50
  • Voor scholen en kantoren daalt het E-peil naar E55
  • Voor kantoren van openbare besturen wordt het E-peil naar E50 gebracht

verstrengingspad-epb-eisen_1_0-600x300

2. Aanpassing van de U- en R-waarden

Vanaf 1 januari 2016 vervalt de R-waarde eis en blijft enkel de U-waarde eis bestaan. Deze laatste wordt voor bepaalde constructies verstrengd.

  • U max voor buitenschrijnwerk wordt 1,5 W/m²K
  • U max voor alle opake scheidingscontructies wordt 0,24 W/m²K
  • U max voor transparante scheidingsconstructies anders dan glas (vb polycarbonaat) wordt 1,4 W/m²K

Enkel deze aanpassingen hebben een significante invloed op verbouwingen.

Hier de link naar de volledige tabel met alle U-waarden.

3. Toevoeging ventilatieverslaggeving

Bij alle residentiële nieuwbouwprojecten en ingrijpende energetische renovaties wordt er vanaf 2016 een bijkomende verslaggeving verwacht, met name de ventilatieverslaggeving. Het doel van deze is het garanderen van een kwalitatief, gezond en goed gedimensioneerd ventilatiesysteem. Hiervoor is een afzonderlijke verslaggever nodig, dit kan eventueel de architect of EPB-verslaggever zijn.

 

Voor de start van de werken moet er een voorontwerp opgemaakt worden, het ventilatievoorontwerp. Dit geeft aan welk systeem er wordt gekozen, waar welke componenten geplaast worden, welke debieten er gerealiseerd worden en hoe het ventilatiesysteem in balans wordt gebracht.

Na de uitvoering van de werken wordt er een ventilatieprestatieverslag opgemaakt. Dit omvat onder andere de gemeten mechanische debieten (afgetoetst aan de norm) en  de behaalde kwaliteit. Dit verslag is nodig om het EPB-verslag finaal in te dienen.

 

(Meer info op www.ikventileerverstandig.be)

4. Verandering rekenmethode productie sanitair warm water

Inrekening van de productie en opslag van sanitair warm water gebeurt op basis van de Europese Ecodesign en Ecolabel regelgeving. Sedert 26/09/2015 is de fabrikant verplicht om een aantal parameters op te geven. De EPB-berekening zal rekening houden met deze parameters.

1a0e25bde0f5501fbd7f1152611aee4c2ea01c2d_eu-energy-water-heater-label

5. Aanpassing opbrengst hernieuwbare energie

De opbrengst van PV-panelen wordt verhoogd naar 10 kWh/m² bruto vloeroppervlakte

6. Mogelijkheid tot het opleggen van strengere eisen door gemeenten

Vanaf 1 januari 2016 kunnen gemeenten strengere eisen opleggen voor nieuwe woningen in nieuwe woonwijken.
Voor vergunningen aangevraagd in de periode van 1 januari 2016 tot 31 december 2017 kunnen  zij kiezen uit twee verstrengde eisenpakketten die vastgelegd werden door de Vlaamse Regering:

  • Pakket 1: Het E-peil van een nieuwe wooneenheid bedraagt maximaal E30
  • Pakket 2: Het E-peil van een nieuwe wooneenheid bedraagt maximaal E20 en het K-peil is niet hoger dan K25.

De gemeentes zijn zelf verantwoordelijk voor de handhaving van het strengere E-peil.

Elektriciteitsfactuur weer 100 euro hoger

De Vlaamse regering heeft vrijdag vastgelegd hoeveel de heffing bedraagt die stroomgebruikers moeten betalen om de historische schuld van de groenestroomcertificaten weg te werken. Voor een gemiddeld gezin gaat het om 100 euro per jaar.

Vlaams minister van Energie Annemie Turtelboom wil er via een heffing voor zorgen dat de overschotten tegen 2021 afgebouwd zijn. Het gaat om een heffing per afnamepunt voor elektriciteit, waarop geen BTW wordt aangerekend.

Voor beschermde klanten en klanten met een budgetmeter gaat het om een jaarlijks bedrag van 25 euro. Verbruikers die minder dan 5 MWh afnemen betalen 100 euro en zij die tussen 5 en 10 MWh zitten betalen 130 euro. Een gemiddeld Vlaams gezin, met 2 ouders en 1 kind, verbruikt volgens de VREG zo’n 3,5 MWh per jaar.

Dat de kosten van de heffing per schijf worden vastgelegd, en dus niet lineair stijgen, stuit op onbegrip bij de Bond Beter Leefmilieu, ABVV, ACV en Samenlevingsopbouw. ‘De regering beslist opnieuw om bedrijven te ontzien en legt het leeuwendeel van de kosten bij de gezinnen. Een gezin zal in verhouding meer dan 50 keer meer betalen dan een groot bedrijf. Dit wordt niet onderbouwd.’

Om de certificatenoverschotten tegen 2021 aan te pakken zullen leveranciers ook meer certificaten moeten voorleggen aan de VREG. Daardoor zullen vanaf 1 januari 2016 voor het eerst sinds 2009 meer certificaten worden ingediend dan er worden uitgereikt.

Bron: De Standaard